`

Archive for August, 2006

Pukkelpop 2006 – Aftermath

August 26th, 2006

Hallo Lieve Lezertjes,

(en dan vooral blonde Joyce, die mij voor ik vertrok al smeekte voor een verslagje van mijn avonturen, maar dit geheel terzijde, het is maar om te benadrukken dat ik echt massa’s vrouwelijke fans heb, die aan mijn voeten liggen, maar ook dit, geheel terzijde…)

Pukkelpop 2006 is weer gedaan, en het was plezant. Oplettende festivalfanaten merken nu slim op: “Maar Jim, Pukkelpop duurt toch maar 3 dagen, waarom pas nu een blogpost, je gaat me toch niet vertellen dat je zolang moest bijslapen”?. Wel beste oplettende festivalfanaat, dat is inderdaad het geval, Pukkelpop is al een tijdje voorbij. Er is echter hier en daar iets tussengekomen, vandaar dat deze post wat later is.

De familie Bollansée (en voor de geïnteresseerden, de familie “Van den Langenbergh” ook) heeft echter de traditie, om de zondag na Pukkelpop naar “Den Bompa” te trekken, om daar twee dagen lang de kermis te vieren met een resem omringende activiteiten in het genre van samen frieten bakken of de afwas doen, stoofvlees met boterhammen naar binnen werkenen dat culinaire festijn afsluiten met een groot pak smoutebollen, in de botsauto’s rijden met z’n allen (dat zijn al snel 8 autootjes) of voor de tiende keer “Time Crisis II” uitspelen met mijn neef, of mekaar vriendschappelijk bevechten in een matchke “Cruisin’ World”, en dan samen als eerste over de finishlijn knallen, en beide gratis nog eens een keer mogen spelen, hoera!

Dit, en een resem andere activiteiten (bij olmo zitten, en met Modul8 en andere VJ-stuff spelen) weerhielden mij dus van het neerpennen van dit stukje, dat ik nu, alweer uit tijdsnood, in de trein naar Leuven aan het typen ben.

Dat ik een hele hoop moeite doe om de powerbook van mijn moeder af te luizen om alleen maar dit stukje te kunnen uitschrijven, wil toch al wel zeggen dat ik iets belangrijk te vertellen heb, zo belangrijk zelfs dat ik een uitgesponnen bespreking van heel Pukkelpop achterwege laat (ik heb een drumstok gekregen van Gogol Bordello, de gypsy punks, het regende maar dat kon de pret niet drukken, en voor andere fijne details leest u de Humo van deze week maar) en maar meteen naar het hoogtepunt van heel Pukkelpop spring.

En dat hoogtepunt was (prampramprampram – tadaaa!) Daft Punk als aflsuiter op de main stage – of hoe elektronische muziek hoort te klinken – !

De twee monsterdeejays uit Parijs speelden dit jaar maar 10 (u kan ze nalezen op mijn t-shirt) concerten over de hele wereld, maar dat opsparen van energie loont de wei was loeienthousiast, en ze hebben ze vakkundig platgespeeld, en dat zonder merkbaar te bewegen.

Maar, misschien is het beter om bij het begin te beginnen…

Uw nederige dienaar moest zich 50(!!!) minuten voor het begin van het concert al door een ongelofelijk dichte mensenmassa heen worstelen, en dat was nog bijna een uur voor het officiële begin van hun set. Die mensenmassa werd, maarmate het uur des oordeels naderde, naar wat ik voelde (want ik ben niet zo groot) alleen nog maar groter en ongeduldiger. Ik denk dat van alle concerten die er gespeeld zijn, deze keer de wei voor de main stage echt het volst stond, of dat maakte ik toch op uit de wilde bewegingen en het gegil van kleine meisjes die door hun liefje naar boven werden gehoffen om eens naar achter te kijken.

Na 50 minuten stond de hele wei daar nog te wachten, en nog te wachten, en we konden (zelfs helemaal vanvoor) niet meer zien dan een groot zwart doek.

Dat ging zo nog voort voor ongeveer 20(!) minuten. Hoewel elke band op Pukkelpop altijd op tijd lijkt te beginnen, geldt dat niet voor Daft Punk, met meer Rock ’n Roll attitude dan de meeste Rockbands, konden zij het zich dus permiteren om voor een afgeladen main stage eens even 20 minuten later te beginnen.

Dat maakte de climax alleen nog maar groter toen dat zwarte doek naar beneden kwam, en er een hoop lampjes flikkerden en je de tonen van “Close Encounters of The Third Kind” kon horen (voor de leken: Tuu Duuu Tuu Duuu Duuu Duuu Dieee Duuuu!)

En als ik lichtjes zeg, dan bedoel ik fucking veel lichtjes!, de hele main stage vol!, de natte droom / nachtmerrie van elke VJ!, spectaculairder dan het ruimteschip uit bovengenoemde film!

En alsof al die schermen, lampjes, en pulserende tl-buizen nog niet genoeg waren, op het midden van de main stage stond een lichtjes reusachtige piramide, die ook voorzien was van schermen aan alle kanten (beeld u de meest krankzinnige beeldcomposities in, schuine schermen die in elkaar overlopen enzo, en je komt in de buurt) waaruit in het midden een stuk ontbrak.

Daarin stonden de twee helden van de avond, onherkenbaar vermond in ruimtepakken en robothelmen. Sporadisch vertoonden die twee hier en daar een kleine beweging, al was de écht beweging te vinden op de schermen, lampjes en tl-buizen, die voor elke song een ander VJ-meesterwerk toonden.

De cynische lezer zou nu kunnen mompelen jaja, hoe zat het dan met de muziek, jij stuk langharig tuig? Met gimmicks alleen redt je het niet hoor vriend!

Waarop ik zou kunnen terugroepen: “Hoe durft u deze vraag nog te stellen m’n beste? Ren naar de muziekwinkel of, als u een vrek bent, start Limewire of consoorten op, en ga op zoek naar ‘Homework’ ‘Discovery’ en ‘Human Afer All’, dat zijn cd’s van Daft Punk. Beluister deze allemaal 5 keer na elkaar en dan nog eens 5 keer door elkaar , en beeld u dan één enorme foutloze megamix van alle hoogtepunten op deze platen in, hier en daar voorzien van een injectie van nog net iets meer geniale bijna foutheid dan dat er al op de originele plaat stond”.

Of de muziek goed was! Wat een vraag! Goed? Geweldig Ja!

Daar stond ik dus, op wei, met een gelukzalige grijns helemaal vooraan “One More Time” mee te zingen, terwijl een lichtjes gedrogeerde boiler-room-chick uit volle borst riep: “Hey, dat mag wel wat harder”, waarop Daft Punk besloot om even de zwaartste bassen die de mensheid ooit gehoord heeft, door hun mix heen te pompen, ik voelde de lucht in mijn longen trillen, en ging er bijna van aan het dansen.

Daft Punk, elektronica met een Rock ’n fuckin’ Roll attitude, oftewel muziek zonder instrumenten “done the right way”.

Feestje!

Tot de volgende Kiddo’s
X
Jim

Pukkelpop 2006, Here I Come

August 16th, 2006

Hoezee!

Ik ben net (lees: eindelijk) klaar met mijn voorbereidingen voor Pukkelpop 2006.
Dat hele ritueel heeft ene hele dag in beslag genomen, maar ik wordt er elke keer wel beter in.
Tentjes (tevens enorm bedankt aan de mamma om de gaten in mijn tent met jeans dicht te stikken, een extra moederdag voor u!) opvouwen, en samenbinden, en enorme constructies op volgeladen rugzakken maken, het lukt steeds beter.

Deze keer ben ik er in geslaagd om al mijn stuff in één enorme rugzak-draagconstructie samen te ballen, daar ben ik toch wel trots op, vooral omdat ik niet zo’n overdreven handige high-tech mega-rugzak heb, maar een oud legermodelletje, dat alleen van spartaanse leren riempjes is voorzien.

Hopen dat heel mijn geknutsel houdt, en dat ik veilig op mijn wei vol herrie aankom.

Een ongetwijfeld enthousiaste nabespreking volgt nog, NA het festival.

X
Jim

PS: als ik ooit mijn army bag upgrade, denk ik dat ik “all out” ga met dit geweldige Amerikaanse spul

Vakantietamheid & MSN Spaces: web 2.0 edition

August 11th, 2006

Hallo beste lezertjes,Uw nederige (ondertekende) dienaar heeft de vakantietamheid sterk zitten.
Hij slaapt overdadig veel, wordt dan te laat wakker, dobbert een beetje in het zwembad, eet nu en dan wat vettigs of een ijsje, en als hij echt in een actieve bui is, trekt hij naar Antwerpen (cd’s inslaan, you know) of kijkt hij een filmpje, al dan niet in de cinema (Pirates Of The Carribian 2; Dead Mans Chest, het geweldige “C.R.A.Z.Y.” en nog een resem anderen).
U ziet het, ik ben in een verdomd tamzakkerige bui, van het schrijven in mijn weblog of het herbouwen van mijn portfolio komt niet veel in huis.
Gelukkig is het vakantie, en dan vind ik zulk een gedrag nog redelijk doenbaar.

(excuses aan alle studenten die nu met bloeddoorlopen ogen en schuimbekkende mond voor het scherm zitten, ik voel mee met jullie herexamen kerels/meisjes, en wees maar zeker dat ik de “vruchten” van mijn opleiding ook wel zal dragen)

Anyway, over naar mijn onderwerpje van vandaag!

Als goede C-MDer acht ik het mijn taak om u te informeren over de nieuwste incarnatie van “MSN Spaces” (dat was dus vroeger de thuisbasis van deze weblog): “Windows Live Spaces” (de huidige thuisbasis van deze weblog, en daar heb ik niet eens iets voor moeten doen).

Nu volgt deze service niet alleen de nieuwe naamgeving die Microsoft op zijn producten plakt (Xbox Live, Windows Live Mail, Windows Live Messenger) en de (overigens redelijk aangename) Windows-Vista-achtige vormgeving, maar Windows Live Spaces gaat nu helemaal mee in de (terminaal hippe) Web 2.0-wave, YouTube en MySpaces achterna.

Er is een hele resem AJAX-Achtige “modules” beschikbaar, met als uitblinker een soort ‘toon je vrienden aan je bezoekers van je Space’, waar ik geen zak van versta/aan heb, en een ietwat handigere ‘hackomatic’ en een custom html-module.

Buiten de nieuwe vormgeving heb ik eigenlijk alleen gemerkt dat mijn blog de helft van de tijd niet bereikbaar is, maar er staat een nieuw merkje boven, dus dat wil zeggen dat Windows Livc Spaces weer een stuk of 5 jaar mee kunnen…

Nu, indien teveel tijd misschien nog een blogpost over de nieuwe Nikon D80, mijn toekomstige camera, de nieuwe pc van mijn broertje (custom-built door uw dienaar) of de nieuwe Mac Pro die mijn lieve moeder gaat kopen.

Momenteel lijkt het er echter niet op dat ik tijd teveel ga hebben, ik moet namelijk Shadow Of The Colossus verder gaan uitspelen, en daarna mijn rugzakje voor Marktrock en Pukkelpop gaan inlanden.

JimBo Out!

Shadow Of The Colossus uitgespeeld

August 11th, 2006

Whoaaaaaaaaaaah!
EEN FUCKIN’ MEESTERWERK!Ik doe niet graag aan lijstjes, maar als ik er had, zouden ICO en Shadow Of The Colossus op een gedeelde (dikke, vette) eerste plaats moeten komen met alle games uit de Metal Gear Solid saga.

Shadow Of The Colossus vertelt het verhaal van een jonge kerel die helemaal alleen, slechts vergezeld door zijn trouwe paard naar een verafgelegen, verdoemd land trekt, en daar zijn ziel verkoopt om een meisje terug tot leven te wekken.
De godheid die daar aanwezig is, stemt in zijn wens te vervullen, al waarschuwt hij dat de gevolgen gruwelijk zullen zijn.
Er hangt echter wel één voorwaarde aan de deal vast, en dat is dat je 16 “Kolossen” zult moeten verslaan, doorheen het hele land, je zwaard wijst de weg.

Tot op het einde van het spel is dat al het verhaal dat je krijgt, en meer is er ook niet nodig. Net zoals bij ICO zijn de grote lijnen van het verhaal uitgezet, maar mag je alle specifiekheden zelf invullen, daar heb je in Shadow Of The Colossus alle tijd toe.

Na de inleiding trek je samen met “Wander” (de jongen) het vervloekte land in, en buiten de kolossen ben je als speler de metgezel van Wander en zijn paard, voor de rest is er uitgestrekte prachtige! magnifieke! mooie! eindeloos meesterlijke! eenzaamheid.

Doordat je slechts een deel van het verhaal kent, en de rest aan de speler is, is Shadow Of The Colossus geen voorgeschreven verhaal dat je ‘speelt’ zoals je een boek leest, het is veel meer dan anders je eigen verhaal, voor een stuk opgetrokken uit je eigen fantasie…

Of Wander nu uit eeuwige liefde voor het meisje handelt, of uit spijt omdat hij ze in een ritueel heeft moeten vermoorden, is aan de speler om te beslissen, wat je wel zeker weet, is dat je ze absoluut terug levend wil hebben en als je daar (hier bijna letterlijk, de Colossen zijn de grootste karakters ooit in een videogame, masieve monsters / magnifieke beesten van steen, planten en ijzer) hemel (er zijn er ook vliegende) en aarde én water (én die in het water wonen) voor moet bewegen, en dit 16 keer na mekaar, dan doe je dat.

Want op de koop toe is de gameplay ook nog magnifiek. Hoewel de opdracht steeds hetzelfde is (rijd uit met Agro, je paard, zoek Colossus, versla Colossus, val dood), is hij elke keer anders, nieuw en verfrissend. Zowel de zoektocht, als de gevechten zelf zijn in essentie enorme puzzels, waarbij je steeds je route moet uitzoeken, en daarna hoe je de omgeving en de Colossus zelf in je voordeel kan gebruiken om zijn zwakke punt te vinden.

Ook de graphics zijn meesterlijk. Ik heb meermaals mijn famillie rond de TV geroepen om ze te laten kijken naar wat de meesters van SCEI (Sony Computer Entertaiment) nog uit de (nu bijna officieel gedateerde) Playstation 2 weten te persen.

Op het gebied van pure rekenkracht (ik kijk naar jullie XBox360 fanboys!) stelt de Playstation 2 misschien niets meer voor, maar dat weerhoudt Shadow Of The Colossus er niet van om een van de mooiste games te zijn die ik in lang gespeeld heb.

Er zijn aspecten die deels technisch indrukwekkend zijn, door middel van het héél effectief van die beperkte rekenkracht: de enorme, naadloze wereld (niet wachten bij laadschermen), de meesterlijke lichteffecten (High Dynamic Range, Blooms) die écht MOOI zijn, en niet alleen als show dienen, en de realistische impact van Wander, Agro, de spelwereld en de Kolossen op elkaar, die me meermaals mijn controller harder vast lieten grijpen, in de hoop dat Wander het zo langer zou uithouden op een wild heen en weer zwaaiende Kolos.

Los van het technische meesterschap, is Shadow Of The Colossus ook een esthetisch meesterwerk, zoals een schilderij of beeldhouwwerk dat kunnen zijn, een zeer sober kleurpalet, gecombineert met de eerdergenoemde lichteffecten en een absoluut sprookjesachtige, fabuleuze vormgeving van elk element (OOK het geluid en de camerabewegingen en zelfs de verpakking) van het maken van Shadow Of The Colossus een van de mooiste games die ik ooit gespeeld heb, in een héél lange tijd, zoniet altijd.

En dan blijft er nog het gevoel dat het spel opwekt over. Het eindeloos eenzame, desolate gevoel dat je krijgt als je door de woesternij rijdt, de verbetenheid die je voelt tijdens een uitputtend gevecht met een kolos, de euforie als je zijn zwakke plek eindelijk bereikt, en daarna verwondering.
En dan, de eeuwige tristheid van het spel, als je je dode vriendinnetje ziet liggen, als een magnifieke kolos neergaat, en als je daarna zelf neergaat en wanneer je op het einde je trouwe paard in de diepte ziet storten.

Ik vrees dat ik weer zal moeten uitroepen dat deze game een kunstwerk is, en zelfs het meest kunstzinnige in de zin dat het de meest esthetische beelden, de meest stijlvolle creaturen op je scherm tovert…

Een kunstwerk dus, mensen die oud en rijk genoeg zijn, en op de koop toe voorzien van (klein)kinderen (liefst beide partijen beschaafd genoeg) die in staat zijn tot het spelen van games, doen er goed aan dit game te kopen, en gewoon enkele uren, liefst het hele spel, te kijken en stil te zijn, als een goed boek, of een goede film.

Alle arme studenten uit het teenage wasteland, kunnen er voor kiezen om de game te gaan huren, of de krankzinnige som van 75 euro op te diepen uit hun zakken om het spel in originele uitgave voor eeuwig bij te houden, het is het waard.

Ik denk dat ik voor de krankzinnige laatste optie ga, ik heb immers een Playstation 2 gekocht nadat ik de E3-demo van dit spel speelde, enkel en alleen in het vooruitzicht dat ik dan redelijk snel het volledige spel zou kunnen spelen zolang ik wilde…

Ik heb er nog altijd geen spijt van.

Speel het, bekijk het, Nu!

Indien ik te wazig ben, lees dan voor het spelen nog eens door wat Wikipedia erover te zeggen heeft

X
Jim